Columns

Column Eddy oude Voshaar

Vakantiegevoel

Eddy oude Voshaar

Terwijl iedereen inmiddels in de file is beland loop ik ondertussen mijn rondje door het grens gebied. De regenbuien afgelopen nacht hebben een heerlijke geur achtergelaten . ik haal enkele slakken en overstekende kikkers in. Uit de verte komt het gebeier van de klokken die uit de kerk toren van Gildehaus komen. Het asfalt is nog nat en de damp slaat van het weggetje af. Enkele koeien gekleed in zwart-wit kostuum kijken mij verbaasd aan zullen ze jaloers zijn op mijn hardloop schoenen die hun niet passen of zullen ze denken doar hej den gek ook weer hardloop'n. Koeien lijken zo tevreden lijken zo gelukkig maar net als in een mens je kunt er niet in kijken. Slager Siemerink weet er meer van die kent een koe van binnen en buiten maar ook weer niet zo dat ie kan weten of een koe kan denken of niet. Ik loop een glooiend bospaadje in er staat een waarschuwings-bord "vorsicht" zwijnen met jongen . Ik laat me niet afschrikken en loop het glooiende en draaiende bospaadje in en geniet van spel licht& schaduw. Even aan de kant er komen enkele wielrenners aan , een zowaar in een gele trui. ze zoeven langs mij heen en laten een wasmiddel geur achter . Waar zitten die zwijnen nou vraag ik mij dan af. Ze laten zich niet zien . Inmiddels ben ik bij een houten bruggetje aangekomen en hoor ik het zingen van het water dat onder het bruggetje doorloopt. Plotseling hoor ik geritsel tussen de goudgele rogge en zie ik het hoofdje van een ree uit de rogge nieuwsgierig naar mij kijken. Dan loop ik over het erf van reitergut Aarnink en scheren boerenzwaluwen over en langs mij heen. Aan de voet van het erf kronkelt de Dinkel als een tuinslang door de lager gelegen weilanden . De opkomende zon kleurt het water in zilver en goud. Een uil vliegt majestueus over het weggetje en land iets verder in een beukenboom. Op een bankje zit een bejaard echtpaar die uit een verfrommeld pakje zilver papier enkele boterhammen bedekt met kaas en roggebrood toveren. Roggebrood zou het Friesche roggebrood zijn of toch Twentsche?

Eddy Oude Voshaar